Afgelopen vrijdag was ik op een congres met onderwijsmensen uit het primair onderwijs en, in mindere mate, ook uit het voortgezet onderwijs. Er werd gesproken over hoe je als docent hét verschil kunt maken. In positieve zin — en helaas ook in negatieve zin.
En ja… dat is waar.
Als kind en puber heb ik op de basisschool én op de middelbare school woorden gehoord die zich in mij hebben vastgezet. Zinnen die volwassenen achteloos konden uitspreken, maar die voor mij als waarheid gingen voelen. Dingen die me klein maakten. Anders. Lastig. Te veel. Of juist niet genoeg. En het gekke is: die wonden verdwijnen nooit helemaal.
Ze doen niet meer elke dag pijn. Ik functioneer prima, ik lach, ik leef, ik doe mooie dingen. Maar soms, als ik niet zo lekker in mijn vel zit, zijn ze er ineens weer. Alsof iemand precies op dat oude plekje drukt.
In een workshop deelde ik zo’n ervaring. Niet om zielig te doen, maar omdat het onderwerp erom vroeg. En iets bijzonders gebeurde: mijn verhaal inspireerde de spreekster om óók een ervaring te delen — iets wat ze nog nooit in het openbaar had uitgesproken.
Dat vond ik misschien wel het mooiste van de dag: het besef dat er veiligheid genoeg was om zo open te zijn. En dat openheid anderen niet afschrikt, maar juist uitnodigt. Herkenning is helend.
En misschien is dát wel hoe je het verschil maakt: niet door altijd alles goed te doen, maar door ruimte te maken voor de mens achter het verhaal.
Zie je wel… jij bent ook gewoon normaal.
Zij gaan daarbij uit van 5 persoonlijkheidsdimensies, om het succes te “voorspellen” en dat nodigt in mijn ogen te veel uit tot mensen in hokjes stoppen. Hokjes die voor veel mensen waarschijnlijk niet passen. Deze 5 dimensies zijn terug te vinden in veel KernTalenten en daarom zal deze methode in mijn ogen een nog betere voorspelling geven in hoeverre iemand succesvol zal kunnen zijn in het voltooien van een bepaalde opleiding en ook in de banen erna!